Met behulp van de “soepbliktruc” van een Amerikaanse sluipschutter werden in 5 dagen tijd 112 Japanse soldaten uitgeschakeld.

De truc met het soepblik werd legendarisch onder de scherpschutters van de mariniers. Er deden verhalen de ronde, vaak overdreven, over Calahans vijf dagen op Bougainville. De waarheid, die op zichzelf al indrukwekkend was, werd vertroebeld door de mythevorming. Na de oorlog analyseerden militaire historici de werkelijke impact van de operatie. De consensus was dat Calahans innovatie, hoewel tactisch significant, strategisch gezien niet doorslaggevend was. De psychologische impact en de invloed op de doctrine rechtvaardigden echter de legendarische status van de operatie. Calahan bewees dat een individuele soldaat tactieken kon ontwikkelen die de operationele aanpak veranderden. Japanse trainingshandleidingen die in 1945 werden buitgemaakt, toonden aan dat ze specifieke tegenmaatregelen hadden ontwikkeld. Een document bevatte strikte protocollen: “Onderzoek geen ongebruikelijke lichtverschijnselen zonder toestemming van een officier. Voer alle onderzoeken uit met een minimum aan personeel en vanuit maximale dekking.” Ga ervan uit dat alle ongebruikelijke geluiden vijandelijke lokmiddelen zijn totdat het tegendeel is bewezen. Deze tegenmaatregelen bevestigden Calahans prestatie volledig. Wanneer een vijand een specifieke doctrine ontwikkelt om jouw techniek te neutraliseren, ben je erin geslaagd hun gedrag te veranderen.